FAQ

Veelgestelde vragen over Mossie.

Waar werkt Mossie?

Overal. Mossie toont je de vogels in je buurt, waar je ook bent.

Herkent Mossie de vogel voor mij?

Je kiest de soort zelf. Vanaf een foto of een opname van de zang filter je op grootte en kleur, en vergelijk je vogels die op elkaar lijken. Zo leer je de vogel herkennen.

Kom je er niet uit? Dien je waarneming dan toch in, en onze vogelexperts zoeken uit welke vogel het is. Elke waarneming wordt gecontroleerd voor ze in je collectie komt (zie Hoe worden inzendingen beoordeeld?).

Waarom hebben we je locatie nodig?

We vragen locatiegegevens bij elke vogelfoto die je instuurt. Zo blijven de identificaties juist en werken een aantal belangrijke functies van Mossie.

Vogels juist identificeren

Veel vogelsoorten zien er bijna hetzelfde uit, en de locatie is vaak de enige betrouwbare manier om ze uit elkaar te houden. Elke soort heeft een eigen verspreidingsgebied, dus weten waar een foto genomen is, helpt onze beoordelaars om de juiste keuze te maken. De fitis en de tjiftjaf bijvoorbeeld zijn op zicht niet van elkaar te onderscheiden, maar hebben een ander verspreidingsgebied. Waar die gebieden overlappen, is zekerheid zonder locatie onmogelijk.

Je kaart met waarnemingen

We tonen al je waarnemingen op een interactieve kaart. Zonder locatie kunnen we niet tonen waar je elke soort zag, dus voor inzendingen zonder locatie werkt deze functie niet.

Vogels in de buurt ontdekken

We laten je weten wanneer andere gebruikers interessante vogels in je buurt spotten, zodat je nieuwe soorten kunt gaan bekijken. Deze functie werkt dankzij de locatie van alle inzendingen.

Locatie aanzetten

De meeste smartphones voegen automatisch gps-coördinaten toe aan foto's. Zet locatievoorzieningen aan voor je camera-app, en je foto's bevatten die gegevens vanzelf.

Hoe worden inzendingen beoordeeld?

Elke inzending wordt eerst automatisch gecontroleerd (zie "Hoe gebruiken we AI?" hieronder). Is de zekerheid hoog genoeg, dan wordt ze goedgekeurd zonder dat er iemand naar kijkt. Is de zekerheid lager, dan komt ze in de wachtrij voor ons team van vogelaars.

Hoe gebruiken we AI?

We gebruiken AI op verschillende plaatsen in Mossie.

  • We maken de vogeliconen met generatieve AI. Na heel wat vallen en opstaan hebben we onze prompts zo verfijnd dat de stijl consistent is en de vogels juist worden weergegeven.
  • We verrijken onze basisgegevens over vogels met generatieve AI.
  • We identificeren geluidsopnames van vogels met de Python-bibliotheek van BirdNET (github.com/birdnet-team/birdnet), die gebouwd is op TensorFlow.
  • Voor het beoordelen van vogelfoto's hebben we een eigen identificatiesysteem gebouwd.

Mijn camerafoto's hebben geen locatie. Wat kan ik doen?

Gebruik de wandelmodus. Zet hem aan in de app voor je vertrekt, en wij registreren je route. Laad je je foto's achteraf op, dan geven we ze automatisch een locatie door het tijdstip van elke foto te koppelen aan de tijd en plaats van je wandeling.

  1. Open de Mossie-app en zet de wandelmodus aan voor je wandeling.
  2. Ga vogels spotten en neem zoals altijd foto's met je camera.
  3. Laad je foto's op via de app als je klaar bent. We koppelen elke foto aan het juiste punt van je wandeling en voegen de locatie voor je toe.

Zorg dat de klok van je camera juist staat, want we gebruiken het tijdstip van je foto's om ze aan je route te koppelen.

Waarom herkennen we geen ondersoorten?

Mossie identificeert vogels op soortniveau. We kiezen er bewust voor om niet tot op ondersoort te gaan, om een paar redenen.

Ondersoorten zijn vaak niet betrouwbaar te onderscheiden op één foto. Ze verschillen in afmetingen, geluiden of genetica, eerder dan in iets wat duidelijk zichtbaar is. Hun taxonomie wordt bovendien voortdurend besproken en herzien, dus wie zich op ondersoorten vastlegt, mikt op een bewegend doel. Door op soortniveau te blijven, blijven onze gegevens juist en betrouwbaar, en blijft de ervaring eenvoudig voor vogelaars die gewoon willen weten wat ze gezien hebben.

Verspreidingsgebieden overlappen en vogels kruisen

Waar de verspreidingsgebieden van verschillende ondersoorten elkaar raken, kruisen vogels onderling en ontstaan tussenvormen die in geen enkele categorie netjes passen. Daardoor is een zekere determinatie onmogelijk, net op de plekken waar ze het meest zou tellen.